1912
“Het onzinkbare schip”, dat schreven de kranten over de RMS Titanic net voor haar allereerste tocht van Southampton naar New York In 1909 startte in Belfast de bouw van dit technisch wonder, wat drie jaar in beslag zou nemen. Met zijn 269 meter was de Titanic op dat moment niet alleen het grootste schip ter wereld maar ook het meest luxueuze. Zo was er onder meer een squashhal, zwembad, fitnessruimte, rooksalon, bibliotheek, café en loungeruimte.
Meer dan tweeduizend passagiers en negenhonderd bemanningsleden stapten aan boord van de Titanic voor de eerste tocht naar New York. Terwijl er lustig gefeest en gedanst werd, kwam de Titanic in de nacht van 14 op 15 april 1912 in aanvaring met een ijsschots. Het ondenkbare gebeurde: het schip sloeg lek en zonk.
Ook al waren er genoeg reddingsvesten aan boord, het tekort aan reddingssloepen zorgde voor grote problemen. De directeur van de rederij had namelijk besloten dat de reddingsboten te veel het zicht ontnamen voor de passagiers, waarop hij besloot dat het schip met minder af kon. Terwijl het orkest aan boord tot op het allerlaatste moment doorspeelde om de paniek onder de schipbreukelingen te bedwingen, werden de reddingsboten te water gelaten. Voor meer dan 1.500 opvarenden was er geen plek meer: zij kwamen in het ijskoude zeewater terecht en lieten het leven.



















































































